Als leerkracht en kwaliteitscoördinator (kc’er) op de Doekesschool in Hardenberg vervult Denice meerdere rollen. Eén dag per week staat ze voor groep 8. Als kc’er houdt ze zich bezig met de ontwikkeling van collega’s. Zo doet ze onder meer lesbezoeken en leidt ze werkgroepen. Daarnaast staat ze twee dagen per week voor een plusklas: één dag op haar eigen school en één dag binnen een samenwerkingsverband waar Hannah bij is aangesloten. “Ik vind heel veel dingen leuk. Dat is soms ook een valkuil.
En als iets Denice interesseert, wil ze er ook meteen meer over weten. Zo volgde ze de master Leren en Innoveren en doet ze momenteel de opleiding RITHA tot hoogbegaafdheidsspecialist. Een ontwikkeling die ze een paar jaar geleden zelf niet had voorzien. “Ik heb altijd juf willen worden, maar vond het ook spannend of ik de opleiding wel zou halen. Ik had geen havodiploma en begon daarom met de opleiding tot onderwijsassistent. Eenmaal op de pabo vond ik het studeren soms best pittig, maar in de praktijk kreeg ik van collega’s terug dat ik goed op mijn plek zat. Dat ik na de pabo zou blijven doorleren, had ik toen nooit gedacht.

Denice legt uit dat dit zo gegroeid is en dat haar leidinggevende en collega’s daarin veel voor haar hebben betekend. “Mijn ervaring is dat we als collega’s betrokken zijn bij elkaar. We moedigen niet alleen de kinderen aan om een volgende stap te zetten, maar tonen ook vertrouwen in elkaar als team. Zelf had ik dat ook nodig, want je denkt toch snel: wie ben ik dat ik zeg dat ik dit kan? Het helpt als de mensen om je heen in je kwaliteiten geloven en je de ruimte geven om je verder te ontwikkelen
We zien als collega’s naar elkaar om
Leren en werken combineren is natuurlijk wel een uitdaging. Volgens Denice is het daarom belangrijk om goed naar je werk-privébalans te kijken. “Ik heb ook een gezin en wil er thuis met volle aandacht zijn. Dat kan omdat mijn man en ik dat samen goed hebben geregeld. Ook je thuissituatie moet achter de keuze van een opleiding staan.”
En hoe zit dat met de collega’s? “De werkdruk op school is soms hoog, maar het mooie is dat we naar elkaar omzien. ‘Morgen is er weer een dag’, zeggen we dan tegen elkaar. Ook vanuit Hannah wordt gelukkig goed meegedacht, bijvoorbeeld in de kosten van een opleiding en in de verdeling van tijd. Zo kan ik het goed volhouden.
Tijdens haar opleiding tot onderwijsassistent en later op de pabo liep Denice stage op verschillende Hannah-scholen. Daardoor kent ze meerdere scholen binnen de scholengroep. “Natuurlijk zijn er verschillen tussen de scholen, maar overal ervaar ik een prettige sfeer en openheid in de teams. Dat heb ik altijd als waardevol ervaren. Ook heb ik bewust gekozen voor de christelijke identiteit. Het is mooi om een stukje geloofsopvoeding aan de kinderen mee te mogen geven.
Denice vindt het delen van het geloof een waardevol onderdeel van haar werk. “Je hebt een gedeeld kader waarin je met leerlingen kunt praten over geloof en bijbelverhalen kunt delen. Soms zijn er ook gebeurtenissen waarbij je als school hoop kunt putten uit het geloof, bijvoorbeeld bij een overlijden. Zo is onze christelijke identiteit een vanzelfsprekend onderdeel van ons onderwijs.”
“Ik ben trots op de stappen die ik zet in mijn werk en ik ben trots op mijn collega’s. Samen kijken we kritisch naar ons onderwijs en durven we elkaar te bevragen. Uiteindelijk hebben we één gezamenlijk doel: kinderen verder helpen in hun ontwikkeling en hun talenten echt zien. Dat is wat we bij Hannah elke dag mogen doen.